Met boerenstuwen en regelbare drainage kunnen agrariërs zelf de waterhuishouding optimaliseren. Soms is een maximale waterafvoer even nodig, maar heel vaak is het juist beter om het zoete water met de daarin aanwezige nutriënten vast te houden. Zowel maximaal afvoeren als vasthouden is mogelijk met boerenstuwen en regelbare drainage.
Met boerenstuwen in perceelsloten zijn de slootafvoer en het slootpeil aan te passen aan de omstandigheden. De agrariër past het peil bij de meeste stuwtypen aan door schotbalken in de stuw te zetten of juist uit de stuw te halen. Pas als het slootpeil de ingestelde overloophoogte bereikt, voert de sloot water af. In de sloot zelf blijft zo meer water staan, maar in de aangrenzende percelen is door hogere grondwaterstanden de extra waterberging nog veel groter.
Met regelbare drainage in percelen is de afvoer vanuit buisdrainage te verminderen en houdt de agrariër zoet water en nutriënten vast in het perceel. Net als bij een stuw is de overloophoogte instelbaar; de drains beginnen pas water af te voeren als de grondwaterstand hoger komt. Dit kan met opzetstukken per drainuiteinde, maar meestal wordt het peil in een verzamelput ingesteld.


