Met een hogere slootbodem in vrij afwaterende sloten blijven zoet water en nutriënten langer in de percelen. De slootdieptes zijn vooral in zandgebieden, maar ook in veel zeekleipolders bepalend voor de waterafvoer en de grondwaterstanden. Een diepe sloot voert sneller het grondwater af.
Minder beregening, meer nutriënten
Bij een verhoogde slootbodem blijven de grondwaterstanden hoger. Beregening is dan minder snel nodig en in kustgebieden bereikt het brakke kwelwater minder snel de wortelzone. Ook nutriënten blijven langer in het perceel, wat de kans op gewasopname vergroot en de verliezen naar grond- en oppervlaktewater vermindert.
Vooral op de hogere zandgronden is er vaak veel ruimte (veelal meer dan 100 cm) om slootbodems te verhogen zonder te hoge grondwaterstanden te krijgen1. In kleigebieden is dit 20-80 cm en in de meeste veengebieden is er geen ruimte voor deze maatregel.
Bij het verhogen van de slootbodem kunnen afhankelijk van teelt, grondsoort en waterhuishouding juist ook te natte omstandigheden ontstaan. Door de sloot niet alleen te verondiepen, maar ook te verbreden blijft er voldoende afvoercapaciteit bij natte omstandigheden.
Het verbreden van sloten geeft ook meer ruimte voor waterplanten en bijvoorbeeld natuurvriendelijke oevers of natte, multifunctionele bufferstroken, wat ook gunstig is voor de waterkwaliteit en de biodiversiteit. Bij het verbreden komt ook grond beschikbaar die nodig is voor het verhogen van de slootbodem.
Effecten
- Een verhoogde slootbodem verhoogt het grondwaterpeil in de aangrenzende percelen, waardoor er langer water beschikbaar is in droge perioden en de beregeningsbehoefte afneemt.
- Door het vasthouden van water spoelen ook nutriënten minder snel uit naar de sloot, wat de waterkwaliteit verbetert. Ook de zuiverende werking van de sloot zelf neemt toe.
- Een ondiepe, bredere sloot heeft meer landschappelijke waarde en geeft meer ruimte voor biodiversiteit.
Tip: Bij sloten met veel helling reikt het effect van stuwen niet ver en is het verhogen van de slootbodem vaak een betere optie. Combineer deze maatregel met ecologisch
onderhouden van de sloten voor een grotere biodiversiteit.
Kosten en opbrengsten
Het ophogen van de slootbodem is een relatief eenvoudige en goedkope maatregel om zoet water en nutriënten langer vast te houden. Het verhogen van de slootbodem kost ongeveer €18 per strekkende meter waterloop. De kosten hangen voor een groot deel af van de eventueel benodigde aanvoer van schone grond. Is er lokaal grond beschikbaar (bijvoorbeeld door de sloot ook te verbreden), dan zijn de kosten lager.
Mogelijk is een vergunning nodig voor deze maatregel en bij sloten die in de legger zijn opgenomen heeft het waterschap vaak een minimale bodemhoogte vastgesteld. Ook de ligging en diepte van bestaande drainbuizen bepalen in hoeverre de slootbodem te verhogen is.
Wanneer het verhogen van de slootbodem niet kan, is het plaatsen van boerenstuwen en het omvormen van reguliere drains naar regelbare drainage een goed alternatief.
