Willem van Meijeren veehouder Haastrecht

Na juni geen dierlijke mest meer: ‘Zo benut ik de mineralen beter’

Melkveehouder Willem van Meijeren uit Haastrecht kiest er bewust voor om na juni geen dierlijke mest meer uit te rijden. Door de mestopslag te vergroten, kan hij de beschikbare mest vooral aan het begin van het groeiseizoen benutten. ‘Dan heb ik het meeste aan de mineralen uit dierlijke mest.’ 

“Vorig jaar reed ik nog tot het einde van het seizoen dierlijke mest uit. Nu heb ik voldoende opslag voor ongeveer elf maanden.” Kijkend vanaf de voergang wijst Willem waar de extra mestopslag onder zijn stal gerealiseerd is. Bij de omschakeling van de melkstal naar melkrobots investeerde hij vorig jaar ook in extra mestopslag onder de stal, een nieuwe mestsilo en opslag om het spoelwater van de robots en de melktank apart op te kunnen vangen. Een flinke investering, maar volgens Willem betaalt die zich op meerdere manieren terug. 

“Nu kan ik aan het begin van het groeiseizoen de mest uitrijden en na juni stoppen.” Dat geeft niet alleen rust, maar biedt hem ook de mogelijkheid om mest af te voeren wanneer de omstandigheden en prijzen gunstig zijn. 

Mest benutten wanneer het gras groeit 

De keuze om na juni geen dierlijke mest meer uit te rijden, kwam niet zomaar tot stand. Willem wordt al jaren geadviseerd door Sjon de Leeuw van PPP-Agro Advies. Het uitgangspunt: benut dierlijke mest vooral op het moment dat het gewas de voedingsstoffen ook daadwerkelijk kan opnemen. 

Via het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer kwam ik bij Willem terecht. Ik was benieuwd hoe zo’n strategie in de praktijk uitpakt. Zeker na een droge zomer, waardoor na een paar flinke regenbuien opnieuw veel stikstof beschikbaar kan komen in de bodem. 

Voor melkveehouders wordt een goede benutting van de beschikbare mineralen bovendien steeds belangrijker. Met het afbouwen van de derogatie neemt de plaatsingsruimte voor dierlijke mest af. Juist dan wordt het interessant om niet alleen te kijken naar hoeveel mest er beschikbaar is, maar vooral naar wanneer en hoe die mest het beste kan worden benut. 

Willem van Meijeren veehouder Haastrecht

Eerste snedes goed bemesten 

Ondanks de droge zomer staat er een dikke snede gras. “Morgen gaat het eraf”, vertelt Willem. Op de klei-op-veengrond is weinig van droogteschade te zien. Op een perceel waar nieuw gras is ingezaaid, staat het gras zelfs nog veel hoger en donkergroen. 

Willem oogst zes tot zeven snedes per jaar en weidt de koeien niet. De bemesting is vooral gericht op de groei van de eerste snedes en verdere benutting via de nalevering. 

“Door het gras flink te bemesten voor de eerste snede en daarna na de tweede en derde snede nog een gift dierlijke mest te geven, benutten we de mest goed.” 

Daarna stopt de mestgift. Het gras moet het in de tweede helft van het seizoen vooral doen met de mineralen die nog in de bodem beschikbaar zijn. De regen na de droge periode helpt daarbij. 

In augustus heeft Willem de vierde snede in balen geoogst. Hij verwacht in september en oktober nog twee snedes te kunnen maaien. “Het gras groeit nog steeds goed en ook de kwaliteit is nog prima.” 

 

Gezonde koeien, zo min mogelijk werk 

De keuze voor efficiëntie en kwaliteit beperkt zich niet tot de mest. Ondanks de leeftijd van de melkveestal heeft Willem de afgelopen jaren flink geïnvesteerd. De melkstal maakte plaats voor melkrobots en er kwam een voeraanschuif-robot. Naast het melkveebedrijf heeft hij een tweede tak met vleeskuikens en werkt hij buitenshuis. 

Arbeid efficiënt inzetten is daarom belangrijk.

“De koeien moeten gezond blijven. Dan heb ik er zo min mogelijk werk aan.”

De graskuil ligt er strak bij. De eerste, tweede en derde snede liggen mooi over elkaar. Met mais en losse grondstoffen kan Willem er een stabiel rantsoen van maken.

Als hij vertelt dat hij zelf de enorme maiskuil heeft aangereden en ook zelf gaat inkuilen, wordt duidelijk waarom arbeidsbesparing voor hem zo belangrijk is. “Gelukkig heb ik een topvrouw die overal bijspringt”, zegt hij lachend. 

Binnen de huidige regelgeving de mest zo goed mogelijk benutten 

Terwijl hij op de quad terugrijdt door het land, is de boodschap eigenlijk simpel. Willem probeert maximaal gebruik te maken van de mineralen uit dierlijke mest die hij tot zijn beschikking heeft. Door de mestopslag te vergroten, kan hij de mest bewaren tot het moment waarop het gras er het meeste profijt van heeft. Daarna laat hij de bodem en het gewas het werk doen. 

Een praktische keuze die op dit bedrijf goed past bij de bedrijfsstrategie: zelf bepalen wanneer uitgereden wordt met de mesttank, een goede benutting van de beschikbare mineralen om goed ruwvoer te oogsten en een efficiënte bedrijfsvoering. 

DAW: kennis delen voor betere benutting  

Vanuit het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) delen we kennis en praktijkervaringen die boeren helpen om nutriënten beter te benutten en waterkwaliteit te verbeteren. Het uitgangspunt is: gebruik dierlijke mest zo goed mogelijk, op het moment dat het gewas er het meeste aan heeft. Dat vraagt om vakmanschap, goede waarnemingen en voldoende ruimte om in te spelen op verschillen in weer, bodem en gewasontwikkeling.  

Wil je weten hoe je goede opbrengsten haalt met efficiënter bemesten? 

Vraag dan gratis bodemadvies aan en krijg advies op maat van één van onze bodemadviseurs! 

Gratis Bodemadvies